Poecilia reticulata
(syn. Lebistes reticulatus) GUPPY, MUSKIETENVISJE

Familie:
Poeciliidae (levendbarende tandkarpers)

guppy's

Vindplaats:De oorspronkelijke vindplaatsen van dit bijzonder bekende visje zijn Midden-en Zuid Amerika (Brazilië, Barbados). Aangezien deze vissoort jarenlang ter bestrijding ven malariamuggen is uitgezet, komen we deze visjes nu in talrijke wateren over de hele wereld tegen.Ze blijken zich in het wild in de meest uiteenlopende watersamenstellingen te kunnen handhaven en voort te planten. Dat hun aanpassingsvermogen wel bijzonder groot is blijkt uit het feit dat guppy’s niet alleen in zoet-en brakwater, maar ook in puur zeewater zijn aangetroffen.

Geslachtsonderscheid:
De mannetjes onderscheiden zich door de tot voortplantingsorgaan getransformeerde aarsvin, bij eierlevendbarenden ‘gonopodium’ genoemd.
Verder zijn de mannetjes beduidend kleiner en slanker dan de vrouwtjes.
Bovendien zijn ze vaak veel kleurrijker, vooral op het lichaam.

Lengte:
Tot ongeveer 6 cm.


Huisvesting:Guppy’s stellen erg weinig eisen en kunnen prima in kleinere aquaria worden gehouden.Veel fijnbladige beplanting is wenselijk.Tegen een witte of andere lichtgekleurde bodembedekking kunnen de visjes wat bleek tonen.Een donkere bodem is daarom geschikter.

Sociale eigenschappen:
Deze levendige visjes zijn niet alleen ten opzichte van elkaar, maar ook ten opzichte van andere vissen uitgesproken verdraagzaam, wat ze uitermate geschikt maakt voor het gezelschapsaquarium.
Omdat guppy mannetjes vrijwel onafgebroken pogingen ondernemen om met de vrouwtjes te kunnen paren is het beter om meer vrouwtjes te hebben dan mannetjes.
De kleurrijke mannetjes met lange vinnen zijn vaak een makkelijk doelwit voor roofvissen zoals de maanvis.
houd ze daarom dan ook niet samen met onverdraagzame vissen of roofvissen.
Guppy's zijn drukke zwemmers welke te vinden zijn in alle waterlagen.
Ze hebben echter de voorkeur voor de oppervlakte laag.

Temperatuur en watersamenstelling:
17-27 °C.
Guppen doen het goed in de meest uiteenlopende water samenstellingen, maar een enigszins neutrale pH en niet al te hard water (onder 25° DH) zijn optimaal.
Een kleine toevoeging van zeezout wordt op prijs gesteld.
U kunt ook gewoon keukenzout gebruiken, mits het jodiumvrij is.

VOEDSEL
Guppy’s zijn alleseters die het prima doen op droogvoer waaraan extra groenvoer is toegevoegd.
Ze hebben de bijnaam muskietenvisje gekregen omdat ze in korte tijd veel muggenlarven kunnen opeten.
Op het menu mogen rode muggenlarven dan ook zeker niet ontbreken.
Ook op het menu staat bv Guppie color plus en artemia

KWEEKVORMEN
Er zijn ontelbaar veel verschillende soorten guppen gekweekt, die zich niet alleen onderscheiden in kleur, maar ook in de vorm van de staart.
De bekendste zal de vlagstaart of onderzwaard-, bovenzwaard-, dubbel zwaard-, spadestaart-, rondstaart- en speerstaartguppen.
Bonte, maar ook de ‘snakeskin’, een geel, alleen rood of helder blauw.
In de natuur vinden we vooral de saaie, kortstaartige wildvorm, maar zelfs deze visjes zijn geen van alle uniform van kleur.
De vrouwtjes delven meestal het onderspit als het gaat om kleurenpracht, maar in de loop van de tijd zijn er ook langvinniger vrouwtjes gekweekt en vrouwtjes met meer kleur.
KweekGuppy’s zijn zeer vruchtbare visjes.
In een enkele paring kan het guppy vrouwtje met tussenpozen meerdere worpen van 10 tot 70 jongen voortbrengen.
De jonge visjes kunnen vanaf de geboorte al voor zichzelf zorgen, maar worden vaak door hun ouders en andere aquariumbewoners opgegeten.
In gezelschapsaquaria met voldoende schuil mogelijkheden in de vorm van Javamos, fijnbladige beplanting en drijfgroen zullen de sterkste jongen zonder extra zorg overleven.
Wilt u wat meer jonge visjes overhouden, dan kunt u het drachtige vrouwtje, dat herkenbaar is aan haar dikke buik en de zwarte drachtigheidsvlek, overzetten in een apart bakje met flink wat groen.

BIJZONDERHEDEN
Vanwege zijn grote aanpassingsvermogen wordt de guppy vaak tekort gedaan. De wilde die zo nu en dan eens worden geïmporteerd zijn veel sterker dan de kweekvormen.